A- A A+

Dorp en brouwerij

Hoegaarden

Café BREM - Hoegaarden - Hoegaarden & BrouwerijTijdens de vroege middeleeuwen behoorde Hoegaarden tot het graafschap Brunengruz, bestuurd door gravin Alpaïdis. Zij stichtte op het einde van de 10de eeuw een kapittel van kanunniken, genaamd Huardis. Na haar dood in 987 schonk Otto III het graafschap Brunengruz aan Notger, bisschop van Luik. Hoegaarden werd Luiks gebied en vormde een Luikse enclave in het hertogdom Brabant. Tot de troonafstand van Keizer Karel in 1555, kende Hoegaarden een relatief rustige periode. Wanneer echter de Spaanse koning Filips II, de hertog Alva naar de Nederlanden stuurde om de orde te handhaven, ondervond Hoegaarden daar de nodige nadelen van.

In 1673 en de jaren daarop moest Hoegaarden echter voortdurend afrekenen met oorlogsgeweld: Luik steunde immers de ambities van Lodewijk XIV.

Onder het Oostenrijks bewind (1713-1794) beleefde Hoegaarden zijn gouden eeuw. De algemene welvaart, vooral te danken aan de biernijverheid, nam zienderogen toe. In 1726 waren er 36 brouwerijen en zo'n 110 mouterijen. Dankzij deze welvaart werd in 1754 de collegiale Sint-Gorgoniuskerk heropgebouwd.

De Franse Revolutie betekende de grote ommekeer en maakte van Hoegaarden een Brabantse gemeente. Vandaag is Hoegaarden een klein, rustig provinciestadje in de provincie Vlaams-Brabant.

Brouwerij

Een historisch document vertelt al over het bestaan van een brouwerij in Hoegaarden in 1318. Doordat tarwe het belangrijkste graangewas van de streek is, ontstaat er een traditie van troebel witbier. Het brouwersambacht groeit snel, vooral dankzij het bijzondere statuut van het dorp. Terwijl omliggende dorpen en steden, zoals Tienen, aan de Brabantse hertog hoge taksen moeten betalen om hun bier uit te voeren, laat de prins-bisschop van Luik de Hoegaardiers ongemoeid. De enclave kan vrij handel drijven, zowel in Brabant als in Luik. Tolrechten en accijnzen gelden niet voor Hoegaarden. In de eerste helft van de achttiende eeuw beleeft de Hoegaardse brouwnijverheid zijn hoogtepunt. Het dorp telt in 1758 maar liefst 38 brouwerijen. Dankzij de lucratieve handel in witbier stroomt het geld binnen. Hoegaarden krijgt dan zijn fraaie uitzicht, dat u vandaag nog steeds kunt bewonderen.

Na de Franse Revolutie verliest het brouwersdorp Hoegaarden steeds meer aan belang. Door de verbetering van het wegennet en de populariteit van het pilsbier neemt de concurrentie toe. Toch blijven de meeste brouwerijen nog tot aan de Tweede Wereldoorlog actief. In 1937 blijven er nog vier over. Brouwerij Loriers is daarvan de belangrijkste. Ze brouwt onder andere het populaire bier Hougaerdse Das. Maar in de jaren zestig sluit ook deze brouwerij. Het laatste vat van het typische oude Hoegaardse witbier rolde trouwens al in 1957 uit de brouwerij Tomsin. Dat was echter zonder Tomsin’s jonge buurman, Pierre Celis, gerekend. De melkventer Celis is kind aan huis bij Tomsin en helpt in zijn vrije tijd in de brouwerij. Wanneer de brouwerij in 1957 de deuren sluit, blijft de jonge Pierre Celis niet bij de pakken zitten. Hij heeft bij zijn buurman-brouwer vaak genoeg gezien hoe het witbier gebrouwen wordt.

Op 13 maart 1966 stelt Pierre Celis zijn eerste brouwsel voor. Het resultaat is verbluffend: het witbier van Hoegaarden is uit zijn as herrezen. Maar dan slaat in 1985 het noodlot toe. De brouwerij brandt af en geld voor de heropbouw is er niet.

Redding komt van de brouwerij Artois uit Leuven, die besluit zich in te kopen en het Hoegaarden Witbier tot een wereldmerk uit te bouwen. Eind jaren ‘80 wordt de brouwerij opgenomen in het concern Interbrew, dat vandaag AB InBev heet. Die schaalvergroting zorgt ervoor dat het Hoegaarden Witbier vandaag wereldwijd in meer dan 70 landen verkocht wordt en de naam van het Haspengouwse dorp bekend is van Australië tot Canada.

Back to Top